Onderzoek

AUHA-zaaifonds voor onderzoekssamenwerking

Het doel van het zaaifonds is duurzame samenwerking tussen onderzoekers van de AUHA te stimuleren, over de instellingen van de AUHA heen. De partners van de AUHA vinden het belangrijk om ook op het vlak van onderzoek intensiever samen te werken omdat:

  • onderzoek binnen de AUHA vaak complementair is en samenwerking versterkend kan werken.
  • onze kennismaatschappij om oplossingen vraagt voor steeds complexer wordende problemen.
  • wetenschappelijke ontwikkelingen zich vaak voordoen op die vlakken waar verschillende onderzoeksvelden elkaar raken.

Het AUHA-zaaifonds heeft als doel tijd en ruimte te creëren voor het uitwerken van een gezamenlijk aanvraagdossier bij een externe subsidieverstrekker.

Het is een competitieve oproep. Er wordt voor deze oproep 12 500 euro ter beschikking gesteld. Er wordt 1 project geselecteerd uit de aanvragen.

Het aanvraagdossier moet ten laatste op 30 juni 2022 ingediend zijn bij de AUHA.

Hier vind je meer informatie over de procedure en selectie. Je vindt hier ook het aanvraagdossier.

English version: more information on the procedure, selection  and the application form can be found here.

 

AUHA Zaaifonds 2022 toegekend 

 

 Titel project: Towards Age-friendly Cities

Promotor: Wouter Verheyen (UAntwerpen)
Co-promotoren: Pieter Cools (AP) en Sofie Vermeiren (AP)

Korte inhoud:
Dit onderzoek focust op 65-plussers die hun zelfstandigheid maximaal willen behouden. De weg naar meer digitalisering, innovatieve oplossingen om het leven ‘gemakkelijker te maken’ en alternatieve transportmiddelen voor ‘koning auto’ presenteren een grote uitdaging voor deze steeds groter wordende groep. Er zijn al heel wat mogelijkheden om zich te verplaatsen binnen de stad, maar zijn deze wel toegankelijk? Om ouderen ook effectief in staat te stellen actief te blijven deelnemen aan het stedelijk leven, alsook gebruik te maken van openbare diensten en services, moet het aanbod ook voor deze groep toegankelijk zijn. Dit bevordert niet alleen hun welzijn, maar het verlicht ook de stijgende druk op de residentiële zorg en dienstverlening. Inzetten op onderzoek ter bevordering van de toegankelijkheid tot velerlei dienstverlening, lijkt voor deze specifieke groep dan ook een logische en belangrijke stap. Een logische en prangende onderzoeksvraag hierbij luidt dan ook ‘Op welke manier kunnen slimme stedelijke mobiliteitsoplossingen bijdragen aan een betere mobiliteit voor ouderen in metropole regio’s?’.