United* against racism
Van 16 tot 22 maart 2026 bundelen Universiteit Antwerpen, KdG Hogeschool, AP Hogeschool en de Antwerp Maritime Academy (AMA) opnieuw de krachten tijdens de Week voor antiracisme en antidiscriminatie. Deze week wordt georganiseerd in het kader van de Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie op zaterdag 21 maart.
United* against racism staat voor een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Met lezingen, gesprekken, kunst en ontmoeting maken we racisme en discriminatie bespreekbaar en stimuleren we dialoog, bewustwording en engagement binnen en over onze instellingen heen.
United by curiosity. United by respect. United by creativity.
United by whatever inspires you.
Tot de stilte bezwijkt
Met het gedicht Tot de stilte bezwijkt brengt stadsdichter Esohe Weyden een krachtige boodschap: dat we trots mogen zijn op onze verschillen, en dat net daarin de schoonheid van een stad schuilt.
Elke AUHA-instelling draagt één strofe. Samen vormen ze een geheel dat de stad verbindt. Stukje bij beetje onthullen we deze week de strofes.
Hou deze pagina in de gaten of ga zelf op pad en ontdek ze verspreid doorheen de stad…
Strofe 1 – KdG Campus Zuid
Blikken raspen langs mijn lichaam,
steken als splinters in mijn huid.
In mijn poriën huizen generaties liefde.
Dit lijf blijft overeind. Dit lijf is thuis.



Strofe 2 – UAntwerpen Campus Meerminne
Een stad is meer dan steen en straat.
Ze groeit waar verschil niet wordt gevijld,
waar geen lichaam wordt gedwongen
tot één manier van zijn.



Strofe 3 – AP Hogeschool campus Spoor Noord
Kennis knettert, kantelt denkkaders,
laat stelligheden wankelen,
snijdt door woorden die uitsluiten,
tot elke stem haar klankkast vindt.



Strofe 4 – Antwerp Maritime Academy
Wanneer wat op kleur wordt gewogen
in de ogen wordt gekeken,
bezwijkt de stilte, legt wantrouwen zich neer
en krijgt liefde weer ruimte.



Met dit stadsgedicht benadrukt stadsdichter Esohe Weyden de kracht van diversiteit en verbinding in onze stad.
Tot de stilte bezwijkt
Blikken raspen langs mijn lichaam,
steken als splinters in mijn huid.
In mijn poriën huizen generaties liefde.
Dit lijf blijft overeind. Dit lijf is thuis.
Een stad is meer dan steen en straat.
Ze groeit waar verschil niet wordt gevijld,
waar geen lichaam wordt gedwongen
tot één manier van zijn.
Kennis knettert, kantelt denkkaders,
laat stelligheden wankelen,
snijdt door woorden die uitsluiten,
tot elke stem haar klankkast vindt.
Wanneer wat op kleur wordt gewogen
in de ogen wordt gekeken,
bezwijkt de stilte, legt wantrouwen zich neer
en krijgt liefde weer ruimte.
© Esohe Weyden, stadsgedicht 2026
Foto’s: Jelle Jansegers